“Schoon(maak) vind ik echt bij Nederland horen. Wij zijn een goed ontwikkeld land. Wij hebben een goede infrastructuur en goede scholing… en daar hoort ook een bepaalde maatstaaf en aandacht bij als het gaat om reinheid. Daarbij staat schoonmaak in mijn ogen aan de basis van beleving en welbevinden; een schone hygiënische omgeving draagt bij aan het welbevinden van patiënten. En als je je als patiënt prettig voelt dan ben ik ervan overtuigd dat dat het herstel positief beïnvloedt.


Schoonmaak in de zorg
Binnen het ziekenhuis vind ik het vooral belangrijk dat schoonmaak bijdraagt aan het welbevinden van de patiënt. Hierbij kijken wij niet alleen naar hoe schoonmaak ‘technisch’ kan bijdragen aan goede hygiëne en het voorkomen van ziektes, maar ook aan het welzijn en de beleving van de patiënt. Als hun omgeving schoon en opgeruimd is, kunnen zij hun omgeving beter interpreteren. Dit geeft een soort van rust. Dit past heel erg binnen de uitgangspunten van de gezondheidszorg ’rust, reinheid en regelmaat’, naar de gedachte van Florence Nightingale. Schoonmaak draagt bij aan alle drie de uitgangspunten:

  • De schoonmaak is goed geregeld. Het is gestructureerd, heeft een strakke planning en programma’s; wij doen wat wij moeten doen en je weet wat je van ons mag verwachten. Dit is heel prettig voor de patiënt.
  • Reinheid spreekt denk ik voor zich.
  • Doordat een omgeving schoon en opgeruimd is, kunnen patiënten hun omgeving goed interpreteren. De omgeving is ontdaan van onnodige prikkels en dat geeft een gevoel van rust.

Op die manier zorgen wij voor een fijne omgeving in een vervelende situatie voor de patiënt. Je ligt uiteindelijk in het ziekenhuis omdat je ziek bent en je beter wil worden. En dan is het heel fijn dat op zo’n moment in je leven jouw welbevinden maximaal gefaciliteerd wordt door mensen die dat merkbaar met veel zorg en toewijding doen.

Schoon is van iedereen
Ook is een schone omgeving voor medewerkers in het ziekenhuis heel belangrijk. Medewerkers vinden het fijn om in een schone en opgeruimde organisatie te werken. Daar komt bij dat mensen een schone omgeving ook schoon willen houden. Dit is een gedeelde verantwoordelijkheid. Als een omgeving schoon is ben je geneigd het schoon te houden, als dit niet het geval is ben je daar minder nauw aan. Als schoonmaak faciliteren wij medewerkers om een bijdrage te kunnen leveren aan een schone werkplek, bijvoorbeeld door het bieden van septic doekjes en beeldschermreiniger. En dat gebeurt ook.

Schoonmaak hoort er gewoon bij…
Schoonmaak wordt over het algemeen gezien als een hygiëneproduct. Iets dat er ‘gewoon bij hoort’. Ik bedoel: het valt eerder op als er NIET schoongemaakt wordt, dan als  wij er ‘gewoon’ zijn. Zo werkt dat nou eenmaal.

Maar hier komt langzaam verandering in. Door nieuwe richtlijnen en normen krijgt schoonmaak een andere plek in de hiërarchie. Denk hierbij aan aandacht voor bacterieresistentie en de JCI  kwaliteitsaccreditatie. Dit zorgt ervoor dat er op een andere manier gekeken wordt naar hygiëne en schoonmaak.  

Dat is natuurlijk allemaal wel heel ‘technisch’. Er zit natuurlijk ook een menselijke kant aan die schoonmaak. De collega’s die hiervoor verantwoordelijk zijn en het werk uitvoeren zijn net zo belangrijk. Ze zijn trots op hun werk, willen het zo goed mogelijk doen voor de patiënt en proberen ook in de omgang met hen bij te dragen aan hun welbevinden.

Nieuwe ontwikkelingen
Daarnaast ziet het ziekenhuis ons steeds meer als partner voor andere zaken. Zo zou een medewerker die op de afdeling aanwezig is om schoon te maken deze werkzaamheden kunnen combineren met andere (onderhoud) klusjes, zoals viltjes onder stoelen vervangen of een lampje verwisselen. Daar wordt steeds meer over gesproken. Nu is dit in Nederland niet heel bijzonder, maar in een academisch ziekenhuis is dit toch nog altijd heel strikt gescheiden. Maar ook binnen de schoonmaak zelf zie ik veranderingen. Als afdeling zijn we nu verantwoordelijk voor 70% van de huishoudelijke schoonmaak. De overige 30% - de behandelkamers en specialistische apparatuur - wordt schoongemaakt door verpleegassistentes, verpleegkundigen en artsen. Binnen het Radboudumc zijn wij op dit moment aan het bekijken hoe wij van die 70%, 100% kunnen maken. We zijn bezig met een pilot waarbij de schoonmaak van twee afdelingen die zelf hebben aangegeven deel te willen nemen - de afdeling IC kinderen en hematologie – volledig komt te liggen in de handen van de afdeling schoonmaak. Dat is heel gaaf! Ook ligt er een voorstel voor 2018 om een pilot te starten waarbij er maatwerk (ATP metingen) komt voor iedere afdeling als het gaat om hygiëne en infectiepreventie. Hierbij wordt gekeken hoe de schoonmaak verdeeld kan worden als het gaat om hoog risico en laag risico. Op sommige afdelingen kan infectiepreventie op het hoogste niveau vereist zijn, terwijl op andere afdelingen de nadruk ligt op andere schoonmaakprioriteiten. Daarnaast zijn er afdelingen en ruimtes die extra aandacht verdienen bovenop de normale schoonmaak, zoals de centrale ontvangsthal. Daar zijn beleving en een gevoel van ‘welkom zijn’ weer extra belangrijke aspecten. Hiermee gaan wij volgend jaar verder experimenteren. We beginnen klein. Als blijkt dat de metingen het gewenste resultaat opleveren, dan gaan we het verder uitrollen.

Ambitie
Voor schoonmaak geldt dat een combinatie van goede randvoorwaarden essentieel is. En daar horen ook goede afspraken met leveranciers bij. Het is wetenschappelijk bewezen dat een goede voeding een belangrijke bijdrage levert aan een voorspoedig herstel. Mijn ambitie is om de schoonmaak in dit huis meer te laten zijn dan een hygiëneproduct; ik wil mee met de nieuwe ontwikkelingen die ik al eerder noemde; daarnaast zorgen nieuwe normen en eisen die aan hygiëne en infectiepreventie ook dat schoonmaak een andere dimensie krijgt. Zo draagt de schoonmaakafdeling niet alleen bij aan een schone (werk)omgeving, maar evenzo belangrijk aan een prettige verblijfsomgeving voor patiënten en een fijne werkomgeving voor medewerkers. 

Zonder daar nou in te willen overdrijven geeft me dat een geweldig trots gevoel. En dat geldt niet alleen voor mij, maar ook voor de collega’s die op de werkvloer hiervoor zorgen.

Unieke samenwerking
Het nauw betrokken samenwerken tussen het Radboudumc en onze schoonmaakpartners vind ik uniek te noemen. Samen denken wij na over waar het Radboudumc naartoe wil en hoe alle partijen hieraan kunnen bijdragen om een win-win situatie te creëren. We zijn hierin heel open naar elkaar en kunnen ons partnerschap zover uitdiepen dat ook onze kwetsbaarheden gedeeld kunnen worden. Dat vind ik heel sterk. We proberen elkaar aan te vullen en niet op kwetsbaarheden aan te vallen. Echte collegialiteit en co-creatie. Daar ben ik trots op! De samenwerking opzoeken doen wij niet alleen als schoonmaakpartijen onderling, maar ook met de hele facilitaire tak. Wij organiseren business-to-business meetings waarin al deze partijen samenkomen om elkaar te vertellen wat hen op dat moment bezighoudt. Een van de thema’s van afgelopen jaar is verzuim en duurzame inzetbaarheid. Iedereen deelt dan ervaringen over hoe zij hiermee omgaan en waar zij tegenaan lopen. Iedereen leert van elkaar. In dit specifieke geval heeft het zelfs geleid tot een vorm van samenwerking tussen schoonmaak en onze catering. Zo zijn Hago Zorg en Vermaat gaan kijken of een medewerker uit de schoonmaak, die tijdelijk haar werk niet kon uitvoeren, aan de slag kon in het restaurant. En dat geldt ook andersom. Gaaf dat deze bedrijven op deze manier samenwerken en elkaar opzoeken, ook buiten de meetings. Deze meerwaarde creëren voor elkaar kan alleen als je de krachten van deze partijen bundelt. En dat faciliteer ik maar al te graag als ‘verbindingsofficier’.

Lucia Kilkens

Manager Schoonmaak & Facilitaire Regie Radboudumc

LinkedIn